Een niet-wijzigingsbeding bij partneralimentatie is een clausule in een echtscheidings- of alimentatieovereenkomst waarin beide partijen afzien van de mogelijkheid om de alimentatie aan te passen op basis van veranderde omstandigheden. Echter, onder bepaalde omstandigheden kan een rechter besluiten om dit beding op te heffen. Dit artikel legt uit hoe en wanneer dat kan gebeuren.
Introductie
Bij een echtscheiding kunnen ex-partners een niet-wijzigingsbeding afspreken voor partneralimentatie. Dit betekent in principe dat de alimentatie niet gewijzigd kan worden, zelfs wanneer er grote veranderingen in de financiële situatie van een betrokken partij optreden. Echter, dit beding kan worden doorbroken als er zeer ingrijpende veranderingen in omstandigheden optreden die het vasthouden aan het beding onredelijk maken.
Situaties waarin een niet-wijzigingsbeding kan worden opgeheven
-
Ernstige wijziging in financiële situatie: Als er na het sluiten van de alimentatieovereenkomst significante veranderingen in de financiële omstandigheden van een ex-partner optreden, kan de rechter besluiten dat het beding niet meer redelijk is. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als de alimentatieplichtige zijn baan verliest en hierdoor aangewezen is op een bijstandsuitkering.
-
Wanverhouding met de oorspronkelijke bedoeling: Er moet sprake zijn van een volledige mismatch tussen wat de partners bij het opstellen van de alimentatieovereenkomst voor ogen hadden en de huidige omstandigheden. De rechter oordeelt hierbij of het nog redelijk is om ongewijzigde handhaving van de alimentatie te verwachten.
-
Redelijkheid en billijkheid: De rechter kijkt ook naar de redelijkheid en billijkheid vanuit maatschappelijk oogpunt. Als het niet wijzigen van de alimentatie leidt tot extreme situaties zoals een persoonlijk faillissement van de alimentatieplichtige, kan het beding worden doorbroken.
Conclusie
Hoewel een niet-wijzigingsbeding zekerheid kan bieden, is het belangrijk dat partijen zich realiseren dat zo’n beding niet absoluut en definitief is. In het geval van drastische veranderingen in omstandigheden kan de rechter beslissen dat het handhaven van het beding niet langer redelijk is. Het is dus altijd aan te raden om bij het opstellen van een dergelijke clausule een grondige overweging van de mogelijke consequenties te maken.